• 500 gram wijnbladeren
  • 450 gram rijst (Tosya pirinç)
  • 2 uien ( fijn gesnipperd)
  • 1 bos lente-uitjes ( fijn gesnipperd)
  • 1 bos dille (fijn gesneden)
  • 1/2 bos krulpeterselie (fijn gesneden)
  • 75 gram rozijnen
  • 5 tomaten (geraspt)
  • 50 gram gedroogde mint
  • zout, rood paprikapoeder, zwarte peper
  • tomatenpuree
  • 1 theelepel sambal
  • 1 suikerklontje
  • 100 ml olijfolie
  • paar druppels citroensap

Bereiding

Bak de uien en lente-uitjes totdat ze glanzig zijn op laagvuur.

Ondertussen laat je in een kom de rijst met heet water staan (7 min.).

Doe het suikerklontje bij de uitjes, voeg vervolgens gedroogde mint toe. De fijngesneden dille en peterselie en de tomaten kunnen ook in de pan.

Daarna spoel je de rijst met koud water en lek het water uit.

Doe de rijst ook in de pan met een paar druppels citroensap.

Roer de tomatenpuree, zout en rood paprikapoeder, zwarte peper roer mee.

Voeg 75 ml water en de rozijnen bij.

Laat het koken totdat het vocht is ingetrokken. Zorg ervoor dat de vulling lauw is.

De wijnbladeren kook je in een ruime pan ongeveer 15 minuten.

Laat ook hier het vocht uitlekken en haal de stengels van de bladeren en vul ze met de rijstvulling.

Rol ze zo dun mogelijk op.

Bedek de eerste laag van de steelpan met wat losse wijnbladeren.

Vul de steelpan met de sarma’s. 1 glas water met een half citroensap en een scheutje olijfolie giet je over de sarma’s.

Leg een bord erop en dek het af met het deksel.

Kook de sarma’s een half uur op laagvuur.